Staatshervorming? Limburg kan toch niet eeuwig lijdzaam blijven toezien?

Hierbij de schriftelijke vraag die ik vandaag formeel indiende bij het Limburgse provinciebestuur.

 

Heel wat Limburgers zijn verontrust door de aanslepende politieke
impasse op federaal vlak. Vele Limburgers vragen zich af hoelang de
huidige situatie nog kan aanhouden vooraleer hierdoor een brok
welvaart en welzijn van grote bevolkingsgroepen in Limburg, zoniet van
heel de Limburgse bevolking, aangetast dreigt te worden.

 

In het licht daarvan kreeg ik graag antwoord op volgende vragen:

 

1) Is de bestendige deputatie van de provincie Limburg op een of andere
wijze door een of meerdere van de door het Staatshoofd aangestelde
personen (informateur, formateur, bemiddelaar, verduidelijker, e.d.m.)
gecontacteerd of geraadpleegd in functie van een hervorming van de
instellingen?

 

2) Is de Vereniging van Vlaamse Provincies op een of andere wijze door
een of meerdere van de door het Staatshoofd aangestelde personen
(informateur, formateur, bemiddelaar, verduidelijker, e.d.m.)
gecontacteerd of  geraadpleegd in functie van een hervorming van de
instellingen?

 

3) Heeft de bestendige deputatie van de provincie Limburg sinds de
federale verkiezingen van juni 2010 zelf een of ander initiatief
genomen of overwogen – en zo ja, welk – in het kader van de
aangekondigde hervorming van de instellingen?

 

4) Acht de Bestendige Deputatie het niet aangewezen om – mocht dit
niet gebeurd zijn – spoedig contacten te leggen met andere
vergelijkbare overheden zoals de Vlaamse en de Belgische provincies en
de Duitstalige Gemeenschap, teneinde na te gaan of deze
provinciale/regionale overheden een (desnoods zeer beperkt maar daarom
niet noodzakelijk minder belangrijk) aantal ideeen en voorstellen
kunnen overeenkomen en vervolgens aanreiken met betrekking tot een
hervorming van de instellingen?

 

Met oprechte groeten
Hugo Biets, provincieraadslid

Advertisements

Malaise in Tongeren

Hierbij mijn bericht van vandaag (5 juli 2011) aan de heren Dirk Roefflaer en Jan Bex van Het Belang van Limburg

Geachte

Met verwondering las ik in Het Belang van Tongeren van zaterdag 2 juli op blz. 2 over malaise ook in de stad op het vlak van leegstand van winkelpanden en cafes. Ik vrees dat de meest recente cijfers in dit verband u niet voldoende gekend zijn.

Daarom hierbij wat informatie.

-Wat handelspanden betreft kent Tongeren een leegstand van 9  %. Ter vergelijking: Sint-Truiden 9 %, Bilzen 11 %, Hasselt 9 %, Genk 10 %. (Zie Het Belang van Limburg van 19 februari 2011 – blz. 64).

2)  Wat cafes betreft is de leegstand in het stadscentrum de jongste jaren  niet toegenomen maar – integendeel – fel afgenomen en zo goed als  volledig verdwenen. Ik tel momenteel niet minder dan 15 cafes en eetcafes (dit is zonder de restaurants) in het stadscentrum: Barvenu, Lido, Casque, Majestic, Intermezzo, Ben’s Café + vroegere Chopin (samengevoegd tot een enkele vernieuwdezaak), Pub, Bellagio, Chili, Bij Ons, Cafe Kafe, Havana, Martin, Bazilik. Bovendien wordt Au Phare momenteel grondig gerenoveerd met het oog op heropening.

Ik meen dan ook dat deze (door iedereen te controleren) cijfers en feiten aangeven dat de uitspraken in bedoeld artikel in Het Belang van Tongeren niet correct zijn en dan ook verdienen rechtgezet te worden.

Met vriendelijke groeten

Hugo Biets

FINANCIEN: Betalend parkeren bracht vorig jaar 334.535 euro op

Volgens schepen van financien Hugo Biets bracht het betaald parkeren vorig jaar veel minder op dan het bedrag van 650.000 euro dat in een regionaal dagblad werd vermeld.

 

Naast 401.885 euro bruto-ontvangsten waren er immers ook 67.350 euro kosten voor huur van parkeerterreinen en onderhoud van parkeermeters. De opbrengst voor dit jaar (2011) zal bovendien nog beduidend lager zijn. Enerzijds door het wegvallen van alle parkeerplaatsen op de Grote Markt en het Stadhuisplein en anderzijds door het niet meer door de stad uitbaten van de parking aan de Clarissenstraat.

 

Overigens dient bij een vergelijking van de verschillende Limbrugse steden en gemeenten rekening gehouden met de verhouding tussen gemeentelijke parkeerplaatsen en privé-uitgebate parkings. Enkel voor sommige gmeeentelijke parkeerplaatsen dient betaald en komt het geld daarvan in de stadskas terecht, aldus nog schepen Biets.